Extern geverifieerd

Duurzaamheid

Binnen het centrale thema ‘Duurzaamheid’ is de prioriteit gelegd bij de aspecten ‘optimaal ruimtegebruik’, ‘duurzame bereikbaarheid’ en ‘luchtkwaliteit en klimaat’.

Verbetering op drie frontenVerbetering op drie fronten

Het Havenbedrijf kan op 3 fronten een verbetering op het gebied van duurzaamheid bereiken, met een wisselende impact op het bijbehorende effect:

 

 

Veel van onze activiteiten met effect op de keten zijn ondergebracht in hoofdstuk Verkeer en bereikbaarheid  (paragraaf Duurzaam bereikbaar), het hoofdstuk Havenmeester (Safety Environment Index) en het hoofdstuk Verkeer en bereikbaarheid, paragraaf Zeevaart (Environmental Ship Index).

 

Het Havenbedrijf wil een leidende rol spelen in het verbeteren van de duurzaamheidsprestaties in de havenindustrie door:

 

  • te zorgen voor een minimale footprint van de Havenbedrijf-activiteiten (o.a. door duurzame brandstof voor schepen van het Havenbedrijf en duurzame inkoop van kantoorartikelen);
  • actief te investeren in vermindering van de milieubelasting van havenactivteiten, bijvoorbeeld door reductie van het aandeel wegverkeer van/naar de haven, door in te zetten op de afvang en opslag van CO2 bij energiecentrales en raffinaderijen in het havengebied en door het geven van korting voor schone schepen;
  • actief in te zetten op het aantrekken van duurzame economische activiteiten in het havengebied, zoals overslag van biomassa, windenergie, productie van tweede generatie biobrandstoffen.

DuurzaamheidsindexDuurzaamheidsindex

In ons bedrijfsplan is opgenomen dat wij een eigen duurzaamheidsindex ontwikkelen. De basis voor de index zijn de 3 P’s van duurzaamheid: Planet, People en Profit.
Voor het onderdeel Planet was vorig jaar reeds bekend welke onderdelen worden opgenomen. Voor de delen Profit en People is in 2009 gekozen welke indicatoren in de index worden opgenomen (zie tabel ). 
 

Onderdelen van de duurzaamheidsindex

Onderdeel Index Wat in de index, hoe "meten"
   
Planet  
CO2-footprint Footprint HbR
Doel: 35% reductie jaar 2011 tov 2007
2007: 33.043 ton
2008: 29.094 ton (-12%)
Duurzame uitgifte Meten of duurzaamheid is toegepast in uitgifte, conform (concept) beleid.
Doel: 60% (2009), 100% (op termijn)
Duurzaam vastgoed CO2-reductie tov bouwbesluit - doel: 25% reductie. Toepassen eigen beleid / Greencalc
Duurzame inkoop Meten toepassen duurzaamheid inkoop
Doel: Op termijn wordt in 100% van de grote inkooptrajecten
(>€150.000,-) specifiek lucht en klimaat als criterium meegenomen.
   
People  
MTO Overall score MTO onderzoek, 2008:7,2
Beste werkgevers onderzoek Positie op de lijst BWO,
doel score 2009: 37, score 2009: 36
   
Profit  
Rendement op
vermogen (ROCE)
ROCE
doel: 8,5%-8,55% (Bedrijfsplandoel).
2008: 9,2%, 2009: 7,8%.

 

Onderstaand wordt per onderdeel met betrekking tot duurzaamheid de stand van zaken nader toegelicht. De onderwerpen Medewerkerstevredenheidsonderzoek en Beste Werkgeversonderzoek hebben wij ondergebracht in het hoofdstuk Over het Havenbedrijf, paragraaf Medewerkerstevredenheid. Het onderwerp ROCE is terug te vinden in het hoofdstuk Financiën, paragraaf Financiering.

CO2-Footprint van het Havenbedrijf RotterdamCO2-Footprint van het Havenbedrijf Rotterdam

Het Havenbedrijf Rotterdam heeft de ambitie uitgesproken tot een CO2-neutrale bedrijfsvoering te komen per 1 januari 2012. Dit moet worden bereikt door een reductie met tenminste 35% en compensatie van de resterende emissies. De jaarlijkse footprint is een belangrijk instrument voor monitoring en input voor selectie van mogelijke (aanvullende) reductiemaatregelen. In 2009 hebben wij ons CO2-emissie rapport opgesteld over de activiteiten in 2008 met als uitgangspunt de ISO 14064-standaard, afkomstig van het Greenhouse Gas (GHG)-protocol. Deze standaard maakt onderscheid in 3 categorieën: de directe emissie (scope 1), de indirecte emissie (scope 2) en andere indirecte emissies (scope 3). In scope 3 rapporteren wij, evenals voor 2007, over de emissie in verband met baggerwerkzaamheden en aanleg kademuren. Voor volgend jaar verwachten wij de rapportage uit te breiden met andere bouwactiviteiten.

 

Nu we voor de tweede keer ervaring hebben opgedaan met het verzamelen van relevante gegevens, en in samenwerking met andere havens internationaal een guideline hebben opgesteld voor CO2-footprinting in havens, blijkt dat er veel komt kijken bij het opstellen van de footprint. De internationale ISO-normen bieden slechts een raamwerk waarbinnen belangrijke keuzes moeten worden gemaakt. Het gaat niet alleen om de uitkomst (het getal) maar veel meer om het proces waarop het resultaat tot stand is gekomen. Wij zullen dan ook de komende jaren de gehanteerde indicatoren, het proces van de gegevensverzameling en de analyse van de uitkomsten verder professionaliseren om zinvolle en “harde” conclusies te kunnen trekken over onze prestaties op CO2-gebied.

 

In figuur 1 is de CO2 footprint over de activiteiten in 2008 in vergelijking met de footprint over 2007 weergegeven. In tabel 1 is de CO2-footprint (en de onderverdeling in scope 1, 2 en 3) getalsmatig weergegeven. Gezien de hiervoor genoemde ontwikkelingen van de footprint dienen de hierbij gepresenteerde cijfers als indicatief te worden beschouwd. Daar waar voor het inzicht noodzakelijk zijn vergelijkende cijfers aangepast aan meer betrouwbare opgaven die wij in 2009 en 2010 hebben ontvangen over de feitelijke situatie in 2007.

 

 

Klik rechts op een grafiek om deze in te laden...

 

 

 

 

Tabel 1: CO2-footprint Havenbedrijf Rotterdam

Item tCO2eq 2008 tCO2eq 2007 Opmerkingen
Scope 1: Directe emissies 8.969 8.962
Scope 2: Energie indirecte emissies 4.294 3.937
Scope 3: Overige indirecte emissies 15.831 20.144
       
Totaal (scope 1, 2 en 3) 29.094 33.043 Reductie van 12% tCO2eq

 

In totaal daalt de footprint met 3.949 tCO2eq van 33.043 in 2007 naar 29.094 in 2008. De daling wordt met name veroorzaakt door daling in scope 3. De daling is fors doordat in 2008, in tegenstelling tot in 2007, geen diepwand kademuren zijn aangelegd.

 

Voor wat betreft scope 2 (indirecte emissie door verbruik elektra en stadsverwarming) treedt een stijging op ten opzichte van 2007. Dit wordt met name veroorzaakt door stijging van emissie ten gevolge van meer gebruik stadsverwarming, toe te rekenen aan de strengere winter van 2008. Daarnaast stijgt de uitstoot door hoger elektriciteitsverbruik op het nautisch service center.

 

Met betrekking tot scope 1 (directe emissie van voertuigen, vaartuigen, en verwarming gebouwen) is de emissie nagenoeg gelijk aan 2007. Binnen scope 1 treedt een aantal mutaties op die elkaar opheffen. Een grote mutatie betreft de daling van de emissie bij de eigen vloot. Hier lijken de resultaten van het “groene vloot programma” (met name het programma Voortvarend Besparen) vruchten af te werpen. Daarnaast is het gasverbruik van gebouwen gestegen ten gevolge van de strengere winter van 2008. Met betrekking tot voertuigen treedt een kleine daling op door het rijden van minder kilometers.

Duurzaam vastgoedDuurzaam vastgoed

Onze organisatie heeft in juli 2008 het convenant duurzaam bouwen voor Rotterdam mede ondertekend en zich gecommitteerd aan de ambitie om bebouwing te realiseren die 25% minder CO2 uitstoot dan het huidige Bouwbesluit toestaat. In 2009 hebben we voor drie gebouwen de bijdrage aan duurzaamheid laten uitrekenen met het programma GreenCalc+. De gebouwen die zijn berekend zijn de kantoorgebouwen Port City 2 en 3 en Droogdok 17 op het RDM-terrein. Binnen het Port City project hebben we gekozen voor een collectief energieconcept in de vorm van een koude- en warmte-opwekkingsinstallatie. In deze methodiek wordt het energiegebruik wel meegenomen, maar is niet expliciet een CO2-reductie te bepalen. De relatie tot het convenant (en de beloofde CO2-reductie) en de manier van ‘meten’ van de duurzaamheidsprestatie wordt volgend jaar verder uitgewerkt.

Duurzame inkoopDuurzame inkoop

Duurzaam inkopen is belangrijk om de gestelde ambities te kunnen waarmaken. Duurzaam inkopen is vertaald als ‘het bewust en structureel expliciet maken van duurzaamheidsaspecten in het inkoopproces met als doel een significante bijdrage leveren aan het bedrijfsbeleid en aan de maatschappij als geheel’. Wij willen ons met de inkoop van goederen, werken en diensten vooral richten op de eigen inkoopactiviteiten met de focus op luchtkwaliteit en klimaat. In 2009 is gestart met het uitvoeren van een tweetal pilots die kunnen worden uitgebreid naar het totale inkoopvolume.
In 2009 zijn bij negen van de elf grotere aanbestedingen duurzaamheidaspecten opgenomen. Hierbij valt te denken aan schone vaartuigen (eisen aan zwavelgehalte van dieselolie en milieuverklaring leverancier), energie-inkoop (eisen aan groene stroom), beschoeiinghout (eisen aan FSC-hout) en walstroominstallaties (eisen stellen aan energie/ CO2).

Duurzame uitgifteDuurzame uitgifte

In 2009 is meer ervaring opgedaan met het toepassen van de duurzaamheidscriteria bij vestiging van klanten in het havenindustrieel complex. Doel voor 2009 was dat in 60% van de gronduitgiften duurzaamheid werd meegenomen. Gebleken is dat hoe eerder in het uitgifteproces het onderwerp expliciet benoemd en meegenomen wordt, des te beter de aanwezige potenties benut kunnen worden. Vanaf juni 2008 t/m eind 2009 zijn 92 projecten gestart gericht op herontwikkeling en uitgifte van terreinen. Hiervan hebben 15 projecten betrekking op herontwikkeling van het RDM-gebied. Voor dit gebied is een integrale duurzaamheidsambitie bepaald. De inzet is om het RDM-gebied duurzaam te ontwikkelen met een minimale CO2-reductie van 30% door implementatie van onderstaande maatregelen (op hoofdlijnen):

 

  • duurzaam (ver)bouwen implementeren: Energie Prestatie Coëfficiënt eisen/hanteren < 0,82 (gebouwen en openbare ruimte/oevers);
  • installatie van warmtepompen in de gebouwen;
  • mogelijkheden in de openbare ruimte: uitwerken en stimuleren van energie innovaties door bedrijven (elektrisch vervoer, openbare verlichting, openbare ruimte, e.d.).

Van de resterende herontwikkelings- en uitgifteprojecten is één project specifiek gericht op een modal shift van weg naar binnenvaart en zijn drie projecten specifieke duurzaamheidsprojecten. Dit zijn:

 

  • verkenning mogelijkheden walstroom bij RoRo-terminals;
  • stoompijp Botlek;
  • verkenning mogelijkheden CO2 verzamelnet.

Op basis van bovenstaande kan geconcludeerd worden dat in 20% van de herontwikkeling en uitgifte projecten duurzaamheid al meegenomen wordt. De ‘formele’ toetsing van de doelstelling van 60% kan pas plaatsvinden als de projecten in de uitvoeringsfase komen.

Verstuur naar een relatie

Met deze functie kunt u een interessant onderwerp uit ons jaarverslag door mailen naar een relatie. De link naar de juiste pagina hebben we alvast voor u ingevuld.

(Preview) Bericht:
Beste Ontvanger,

Verzender wil je graag attenderen op informatie uit het Jaarverslag 2009 van het Havenbedrijf Rotterdam.

Persoonlijk bericht:
...

Klik hier om de informatie in het online jaarverslag te bekijken.

Met vriendelijke groet,
Havenbedrijf Rotterdam


Uw e-mail is verstuurd aan

Sluit venster
U heeft een of meerdere van de onderstaande velden onjuist ingevoerd.
U heeft javascript nodig om dit jaarverslag te kunnen bekijken.